Overleg tijdens de hulpverlening

Om de hulpverlening efficiënt te laten verlopen is communicatie noodzakelijk. Samen hardop overleggen is belangrijk om orde en rust in de hulpverlening te scheppen en om na te gaan of jullie niets over het hoofd zien. Houdt elkaar steeds op de hoogte van het verloop van de hulpverlening. Daardoor wordt het beeld van de situatie rondom het slachtoffer beetje bij beetje completer. Hoe completer dat beeld, hoe specifieker de behandeling en de te nemen besluiten. Gezamenlijk overleg heeft dus rechtstreeks effect op een adequate hulpverlening.

Je kunt bij de familie of kennissen proberen om gegevens over het slachtoffer uit te vragen. Relevante gegevens die je aan het ambulanceteam kunt overdragen zijn:

  • Wie ben jij?

  • Wie en hoe oud is het slachtoffer? NR-beleid?

  • Wat heb je al geconstateerd en gedaan?

  • Hoeveel analyses/schokken heeft de AED gedaan?

  • Hoe laat was het laatste contact met het slachtoffer?

  • Hoe was het slachtoffer de laatste dagen? 

  • Heeft het slachtoffer allergieën? 

  • Gebruikt het slachtoffer medicijnen?

  • Is het slachtoffer bekend met gezondheidsklachten?

  • Wie is de huisarts en/of specialist?

  • In welk ziekenhuis is het slachtoffer bekend?

Houdt bij het verstrekken van informatie rekening met de privacy. Ga respectvol om met de dingen die jou in het belang van de hulpverlening ter ore komen. Mocht je als geheugensteun wat gegevens hebben opgeschreven, draag er dan zorg voor dat je die gegevens direct na de hulpverlening zorgvuldig vernietigt.

Aannames doet een mens altijd en overal maar het is niet altijd verstandig om daar blindeling op te varen. Het helpt om met elkaar te overleggen op grond van feiten. Spreek jouw gedachten uit en zie of iedereen hetzelfde beeld van de situatie heeft. Mogelijk weet een ander al meer dan jij of andersom. Hieronder lees je wat het effect van een verkeerde aanname kan zijn;

“... Achteraf gezien beleefde ik alles in een soort roes. De mevrouw van 112 vroeg van alles maar ik kon het op dat moment allemaal niet opslaan. Ik was echt in paniek. Toen kwam er ineens iemand binnen. Ik had geen idee wie het was maar dat maakt je op zo'n moment ook niet uit. Hij ging naar mijn man en hielp hem. Kort daarna kwamen er nog een mevrouw en een jongen die ik weleens hier in de buurt had gezien. Ik was stomverbaasd. Waar kwamen die nou allemaal vandaan? Daarna stapten twee agenten gespannen ons huis binnen en ik riep maar aldoor dat de ambulance moest komen. Wist ik veel dat al deze mensen bij dit soort situaties ook komen om te helpen. Daar sta je toch ook nooit bij stil? Er ging van alles door mij heen. Ik was bezorgd en bang maar ook verrast en opgelucht... Die jongen uit de buurt bleef de hele tijd bij mij. Wat was ik daar blij mee want ik liep alleen maar heen en weer, als een kip zonder kop. Hij vroeg allemaal dingen over mijn man. Toen kwam de ambulance binnen. Even werd ik weer paniekerig maar die jongen bleef zo rustig. Op den duur kon ik zelfs even naar hem glimlachen. Ik had mijn nachthemd nog aan en hij vertelde me dat het wellicht verstandig was om me alvast aan te kleden en schoenen aan te trekken. Mocht mijn man naar het ziekenhuis worden gebracht dan kon ik direkt mee. Fantastisch waar hij allemaal aan dacht. Huissleutels, mijn tas, of er nog iets op het gas stond. Dat was allemaal nooit in mij opgekomen......”